Fort Ruigenhoek Dijk – Gebouw C

“Gebouw C” is onderdeel van het “Fort op den Ruigenhoekschen Dijk” (tegenwoordig: Fort Ruigenhoek), één van de belangrijkere forten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Dit gebouw bestaat uit twee verdiepingen: een remise voor 2×2 stukken geschut met schuilplaats en daaronder een kruit- en projectielenmagazijn. 

Aanleiding voor de bouw van deze remise was de Frans-Duitse oorlog (1870-71); Het Nederlandse leger werd (gedeeltelijk) gemobiliseerd en bezette de forten van de Nieuwe Hollandse Waterlinie (NHW). Tijdens deze mobilisatie kwamen grote gebreken in de (soms nét opgeleverde) forten aan het licht. Er bleek vooral een groot gebrek aan voldoende 
bomvrije ruimten voor logies en de opslag van buskruit en projectielen. De geconstateerde tekortkomingen leidden tot een nieuwe bouwfase (1875-1885) waarbij op vrijwel alle forten van de NHW extra bomvrije gebouwen werden gebouwd. Hoewel de remise C op Fort Ruigenhoek uniek is qua uitvoering, is dit gebouw wel kenmerkend voor deze periode.

Begane grond

Op de begane grond van het gebouw bevindt zich (van links naar rechts): een schuilplaats voor personeel en twee remises voor het bomvrij opstellen van geschut. Beide remises boden onderdak aan twee stukken (middelzwaar) geschut van 12cm Kort achterlaad (12cM K.A). Idee was dat deze kanonnen zo lang mogelijk veilig in de remises zouden staan, en pas bij een acute dreiging naar hun opstellingen gereden zouden worden. Op de tekening van het fort is in donkerrood de route aangegeven vanuit de remises naar de opstelplaatsen van het geschut op de linkerflank en het linkerfront bastion van het fort. De remises hadden geen verbinding met de daarnaastgelegen schuilplaats voor personeel.
Vanuit de schuilplaats kon men via een gietijzeren trap afdalen naar het ondergelegen kruit- en projectielenmagazijn. Naast deze trap stond een ‘hijschinstallatie’ om de buskruitkisten en (lege) projectielen naar beneden te takelen, en de gevulde projectielen naar boven. Helaas is deze installatie ná de tweede wereldoorlog vervangen door een modernere variant. Precieze details hoe de oorspronkelijke installatie eruit zag zijn niet bekend, dus het model op de tekening is een benadering, o.a. geïnspireerd op de nog aanwezige hijsinstallatie op het fort aan de Uppelsche Dijk. 

Fort Ruigenhoek – Building C

“Building C” is part of the Dutch fort “on the Ruigenhoekschen Dike” (or Fort Ruigenhoek), one of the major forts of the New Dutch Waterline. This building consists of two floors: a ground floor with three bomb-proof shelters (for guns and personel) and an underlying shell store and magazine.

Although the fort was built in 1869-1870, ‘building C’ was not part of the original design, but added some ten years after completion of the fort as a result of experiences during the Franco-Prussian war. When this war broke out in 1870, the Dutch army was (partly) mobilized and manned the forts of the Dutch Waterline. Although the mobilization was for a relative short period, a number of (grave) deficiencies were revealed to the recently completed forts, among which a great lack of bomb-proof shelters for personnel and powder. This led to a new building period (1875-1885) during which dozens of additional bomb-proof buildings were built on most forts of the Dutch Waterline. Although of a unique design, Building C on Fort Ruigenhoek can be considered as fairly typical to this building period.

Ground floor

Ground floor of this building consists of three bomb-proof shelters: a small shelter for personnel (with staircase to the underlying magazines) and two shelters for (each) two 12cm K.A. guns. These medium artillery pieces were to be stored inside these shelters for as long as possible, only to be moved to their designated positions at the last moment. On the plan of the fort, I’ve sketched (in dark red) the route from the shelters to the gun positions on the left flank and left front bastion. There was no connection between the two gun shelters and the personnel shelter.
From the personnel shelter one could descend via a cast iron staircase into the basement. Next to the staircase was an (ammunition) hoist for the transport of shells and the metal cases containing the gunpowder. Unfortunately, this hoist was replaced after WWII by a modern installation. As details of the original hoist are unknown (no plan or description exists), the hoist on my model is a approximation based on surviving shell hoists in other forts.

Fort op den Ruigenhoekschen Dijk – Remise C

Fort op den Ruigenhoekschen Dijk – plattegrond / floorplan

Kelder

Wie via de trap vanuit de schuilplaats afdaalt naar de kelderverdieping, komt uit in een portaal. Slaat men onderaan de trap direct linksaf, dan komt men in het vulhok/vulplaats. Hier werden de lege projectielen gevuld en gereed gemaakt voor gebruik. Het vullen van de projectielen gebeurde pas in oorlogstijd (of dreiging). De gevulde projectielen werden zoveel mogelijk opgeslagen nabij de stukken in verbruiksmagazijnen.Vanuit het vulhok kan men langs twee kanten de rondlopende lichtgang betreden. Deze gang had een dubbele functie. Enerzijds diende deze als spouwgang om het gebouw (en vooral het buskruit!) zo droog mogelijk te houden, en anderzijds kon men vanuit deze gang de petroleumlampen bijvullen die in de lichtnissen stonden om de magazijnen te verlichten. Om te voorkomen dat het open vuur van de lampen in aanraking kon komen met het kruit, waren deze lichtnissen aan de binnenkant afgesloten door een glazen plaat. Belangrijkste twee ruimtes van de kelderverdieping waren het buskruitmagazijn, met ruimte voor 268 kruitkisten van 50kg en het daarnaastgelegen projectielenmagazijn. In dit magazijn werden de (lege) granaten opgeslagen op houten rakken (rekken). Op de tekening is het magazijn gevuld met granaatkartetsen (tegen vijandelijke soldaten) en buskruitgranaten (overige doelen) voor het kanon van 12cM K.A.

Basement

Underneath the staircase is a lobby. A door to the left gives access to a laboratory/shell filling Room. In this room, the empty shells were filled with black powder. This was only done as part of a drill or in case of an impending war situation. The filled shells would be stored near the gun positions in expense magazines.
From the shell filling room, a lamp passage (acting also as cavity to keep the rooms as dry as possible) can be entered. To protect the powder from accidental explosion the magazines were under strict regulations. This meant that all lighting was placed in special lamp recesses behind thick plate glass protected with brass wire frames. These lamp recesses could be accessed from the lamp passage to replace or refill the kerosene lanterns.
The powder magazine (5,00×6.11m) could hold 268 copper cases, each containing 50kg of gunpowder (black powder). Adjacent to the magazine was a shell store with 18 wooden racks to hold the (empty) shells. On my drawing are depicted two types of shell: shrapnel agains personel and common shells against other targets.

Creative Commons-Licentie
Dit werk valt onder een Creative Commons Naamsvermelding-NietCommercieel 4.0 Internationaal-licentie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s